Claudia Mayer werkt als orthopedagoog bij Accent Centrum en Accent Hoogvliet
Hoe ben je in het onderwijs terechtgekomen?
Vroeger twijfelde ik altijd al tussen het worden van juf of kinderpsycholoog. Tijdens mijn eerste studie aan de Hogeschool Rotterdam deed ik een schakeljaar waarin je kon kiezen tussen maatschappelijk werk en pedagogiek. Ik koos maatschappelijk werk, maar had ook affiniteit met onderwijs. Mijn eerste stage was op het Zuiderpark College voor Mentoren op Zuid. Dat beviel zo goed dat ik voor mijn vervolgstage specifiek ben gaan zoeken naar een plek in het onderwijs en zo kwam ik terecht bij toen nog Calvijn Maarten Luther. In het laatste jaar van mijn HBO-studie ben ik daar gaan werken als counselor en na mijn afstuderen ben ik in dienst gekomen als schoolmaatschappelijk werker (SMW’er).
Hoe zag je loopbaan eruit voordat je in het onderwijs ging werken?
Door mijn stages is mijn loopbaan eigenlijk gelijk begonnen in het onderwijs. Toen ik startte op Calvijn Maarten Luther, was ik slechts een half jaar ouder dan de oudste leerling daar op school. Daar merkte ik ook gelijk dat ik affiniteit heb met het rauwe randje van Rotterdam-Zuid.

Welke keuzes hebben geleid tot waar je nu bent?
Dat zijn er meerdere geweest. De eerste was mijn keuze om niet als docent aan de slag te gaan in het onderwijs, maar als hulpverlener. Daarna was de keuze om verder te studeren belangrijk. Toen ik net werkte als SMW’er, besloot ik namelijk om in de avonduren de premaster en master Orthopedagogiek te gaan doen aan de Erasmus Universiteit. Daarvoor heb ik de Rotterdamse lerarenbeurs gebruikt. Ik werkte toen vier dagen als SMW’er en de overige dagen besteedde ik volop aan mijn studie. Het is heel fijn en mooi aan CVO dat ik vanuit mijn stage heb kunnen doorgroeien naar de functie van SMW’er en uiteindelijk orthopedagoog. Een andere belangrijke keuze was om het werkgebied van Zuid los te laten. Ik werk nu in het centrum van Rotterdam en in Hoogvliet, maar ook daar krijg ik maar al te vaak te maken met het rauwe randje dat mij zo aanspreekt.
Wat was een belangrijk keerpunt in je carrière?
Dat was de switch van SMW’er naar het vak van orthopedagoog. Dat vond ik moeilijk, omdat ik het enorm naar mijn zin had op mijn vorige school en ook het werk als SMW’er heel leuk vond. Als orthopedagoog kijk ik altijd heel erg naar het kind in relatie tot zijn omgeving en als SMW’er heb ik kennis en ervaring opgebouwd die daarbij echt van meerwaarde zijn. Daarnaast heb ik juist door de switch naar een andere doelgroep ook weer allerlei nieuwe dingen geleerd en leren werken met een heel andere doelgroep.
Wat zie je als je grootste talent(en)?
Ik ben nog net geen dertig, maar inmiddels al tien jaar verbonden aan CVO. Gezien mijn jonge leeftijd heb ik toch best wel wat ervaring. Ik kan heel goed kijken achter gedrag, dus naar het kind in zijn geheel in zijn omgeving. Ik merk ook dat ik in het heetst van de strijd rustig blijf, ik krijg vaak terug van leerlingen dat ze het fijn vinden om even bij mij te komen om gewoon even rustig te worden. Daarnaast ben ik een echte volhouder, ik bijt me ergens in vast en laat dan niet meer los.

Heb je een voorbeeld van een moment waarop je talent echt het verschil maakte?
Mijn volhoudendheid zie je ook terug in mijn ondersteuning van leerlingen op het moment dat ik iets heel erg belangrijk vind. Hoewel wij 'maar’ een school zijn, zien we toch juist heel veel van een leerling. Ik zoek de samenwerking met andere partijen en blijf vaak nog even iets langer vanaf de zijlijn betrokken bij een leerling. Nadat een leerling bijvoorbeeld van school af gaat, volg ik vaak nog het proces en kijk ik hoe een leerling is gestart en of het allemaal lukt.
Wat drijft je elke dag om dit werk te doen?
Ik hoop altijd dat leerlingen later op me terugkijken als die mevrouw die er echt voor ze was. Bij mijn werk maak ik best wel veel problematiek mee en dat motiveert me heel erg. Het onderwijs speelt zo'n grote rol in het leven van kinderen, want ze brengen er ontzettend veel tijd door. En ook juist de kinderen die het thuis moeilijk hebben, kunnen school vaak zien als een plek om even niet thuis te zijn en om even iets anders te hebben.
Wat zou je willen meegeven aan nieuwe collega's in het onderwijs?
Vertrouw op je gevoel en probeer rustig achter gedrag te kijken, neem gedrag niet persoonlijk. Dat is soms moeilijk, maar daar zit altijd een verhaal. Dus maak eens ruimte voor dat individuele gesprek met die leerling. Plan een momentje samen om gewoon laagdrempelig kennis te maken, vanuit oprechte interesse, en nieuwsgierig te zijn. En besef dat aansluiten bij en inspelen op situaties, niet betekent dat je alles accepteert. Ga uit van gewenst gedrag als norm. Zorg voor duidelijke grenzen en wees consequent vanaf het begin.
Hoe zie je jezelf en het onderwijs over vijf à tien jaar?
Ik zie mezelf vooral verder groeien als orthopedagoog. Ik werk hier nu twee jaar, maar leer nog iedere dag. De opleiding tot schoolpsycholoog spreekt me ook erg aan en het lijkt me heel leuk om iets te leren rondom leidinggeven, maar dat zijn allebei dingen voor de langere termijn.
Wat betreft het onderwijs zou ik het fijn vinden als het kansrijk adviseren realistischer bekeken gaat worden. Nu komen leerlingen vaak nog niet direct in de eerste klas bij ons op school terecht, maar pas in klas 2 of 3. Sommigen van hen hebben dan teleurstellingen, verdriet en negatieve ervaringen meegemaakt. Als de leerlingen hier eenmaal zitten, zie je dat veel op z’n plek valt. Op de basisschool wordt praktijkonderwijs lang niet altijd als optie gepresenteerd en sommige leerkrachten kennen het ook niet. Ik zou het fijn vinden als het negatieve beeld en de onbekendheid met praktijkonderwijs verdwijnen, want het past juist bij zoveel leerlingen heel goed.
Heb jij ook een inspirerend talentverhaal te vertellen? Stuur een e-mail naar talentverhalen@cvo.nl.